![]() |
In Nederland is het niet meer gebruikelijk mispels of mispeljam te eten. De Culinaire Groep van de Historische Groentehof was nieuwsgierig en is met de mispels aan de slag gegaan. Allereerst hebben ze op twee verschillende manieren gelei gemaakt. |
De mispels gewassen en een deel ervan opgezet in de sapketel. Via stomen onttrek je het fruitsap aan de mispels. Voor heldere gelei is dit een prima methode. Het sap is licht van kleur, maar wordt alsnog rood bij het koken tot gelei.
Een ander deel is met flink veel water opgezet, zachtjes gekookt tot de mispels zacht waren. Het geheel in het kookvocht een dag en een nacht laten staan. Hierna is het vocht door een doek gezeefd en daarna tot gelei verwerkt met geleisuiker, verhouding 2:1. Bij deze methode kleuren het vocht en de mispels al rood tijdens het koken. Er was volgens het Culinaire team geen verschil in smaak tussen beide geleisoorten.
![]() |
"Het overgebleven, gekookte mispelmengsel hebben we in een vergiet gedaan met de bedoeling jam te maken van het vruchtvleespuree en het sap," vertelt Nettie. "Met de hand de gekookte mispels door een vergiet wrijven was arbeidsintensief en gaf weinig opbrengst aan vruchtenmoes. Bij de passe-vite methode zat het zeef steeds verstopt met pitten en schillen. |